Hoe herken je autisme?

Veel mensen die uiteindelijk een diagnose autisme krijgen, zeggen achteraf hetzelfde: "Ik heb me altijd anders gevoeld, maar ik wist nooit precies waarom." Vaak zijn het geen grote, opvallende kenmerken die iemand doen twijfelen. Het zijn juist de kleine momenten die zich jarenlang blijven herhalen. Situaties waarin je merkt dat iets voor jou veel meer energie kost dan voor anderen, of waarin je het gevoel hebt dat je nét anders naar de wereld kijkt.

Iedereen met autisme is anders. Er bestaat dan ook geen lijstje waarin je jezelf volledig zult herkennen. Toch zijn er ervaringen die veel mensen met autisme met elkaar delen. Misschien herken jij jezelf in één of meerdere van de onderstaande situaties.

Waarom voel ik me vaak anders?

Veel mensen met autisme ervaren al van jongs af aan dat ze anders naar de wereld kijken dan de mensen om hen heen. Vaak is dat moeilijk onder woorden te brengen. Het is niet zo dat je je beter of slechter voelt dan anderen, maar eerder dat je het idee hebt dat bepaalde dingen voor anderen vanzelf lijken te gaan, terwijl jij daar bewust over moet nadenken.

Misschien vraag je jezelf regelmatig af hoe anderen zo gemakkelijk een gesprek aangaan, weten wat sociaal van hen verwacht wordt of intuïtief lijken aan te voelen wat iemand bedoelt. Voor jou kan dat voelen alsof je voortdurend probeert te begrijpen welke regels er gelden. Sommige mensen omschrijven het alsof iedereen een handleiding voor het leven heeft gekregen, behalve zijzelf.

Veel volwassenen met autisme leren zich hier goed op aan te passen. Ze observeren, analyseren en kopiëren gedrag van anderen, waardoor hun autisme aan de buitenkant nauwelijks zichtbaar is. Van binnen blijft echter vaak het gevoel bestaan dat je continu moet nadenken over iets wat voor anderen vanzelfsprekend lijkt.

Waarom denk ik zoveel?

Misschien merk je dat je gedachten zelden echt stil zijn. Een gesprek dat je vanochtend hebt gevoerd, speelt 's avonds nog steeds door je hoofd. Je vraagt je af of je iets anders had moeten zeggen, of iemand je misschien verkeerd begrepen heeft of wat iemand precies bedoelde met een bepaalde opmerking.

Veel mensen met autisme hebben een sterk analyserend brein. Dat is vaak ook een kwaliteit. Je wilt begrijpen hoe dingen werken, ziet verbanden die anderen missen en denkt graag diep na over onderwerpen die je interessant vindt. Tegelijkertijd kan datzelfde brein moeite hebben om iets los te laten. Gedachten blijven zich herhalen, waardoor het lastig kan zijn om echt tot rust te komen.

Waarom raak ik uitgeput van sociale situaties?

Sociale contacten kosten veel mensen met autisme meer energie dan hun omgeving zich realiseert. Dat betekent niet dat zij geen behoefte hebben aan contact. Integendeel: veel mensen vinden sociale verbinding juist erg belangrijk. Het verschil zit vooral in de hoeveelheid informatie die tijdens een gesprek verwerkt moet worden.

Terwijl je luistert naar wat iemand zegt, probeer je ook gezichtsuitdrukkingen te lezen, lichaamstaal te begrijpen, de juiste reactie te bedenken en rekening te houden met sociale verwachtingen. Ondertussen komen ook alle andere prikkels uit de omgeving nog binnen. Het brein is voortdurend bezig om al deze informatie te verwerken.

Daardoor kan een verjaardag, een werkdag of zelfs een gezellig etentje veel energie kosten. Niet omdat het niet leuk was, maar omdat je hoofd urenlang op volle kracht heeft gewerkt.

Waarom kan ik ergens compleet in opgaan?

Veel mensen met autisme herkennen dat zij zich volledig kunnen verliezen in een onderwerp dat hen interesseert. Wanneer iets je nieuwsgierigheid wekt, wil je het begrijpen. Je zoekt informatie op, leest erover en blijft ontdekken totdat je het gevoel hebt dat je het onderwerp echt doorgrondt.

Voor de buitenwereld lijkt dat soms een bijzondere hobby of een sterke interesse. Voor iemand met autisme biedt zo'n interesse vaak veel meer dan alleen plezier. Het geeft rust, overzicht en voorspelbaarheid. Even hoeft het brein niet na te denken over ingewikkelde sociale situaties of onverwachte veranderingen. De aandacht mag volledig uitgaan naar iets dat energie geeft in plaats van kost.

Waarom voel ik emoties zo intens?

Een hardnekkig misverstand is dat mensen met autisme weinig emoties zouden ervaren. In werkelijkheid is het vaak precies andersom. Veel mensen voelen emoties juist heel sterk, maar vinden het moeilijk om direct te herkennen wat zij precies voelen of hoe zij dat onder woorden kunnen brengen.

Emoties bouwen zich soms langzaam op zonder dat je dat zelf doorhebt. Pas wanneer de spanning te groot wordt, merk je hoe moe, verdrietig of overprikkeld je eigenlijk bent. Hierdoor kan het voor jezelf én voor anderen lijken alsof emoties plotseling uit het niets ontstaan, terwijl ze zich in werkelijkheid al langere tijd hebben opgebouwd.

Waarom blijf ik gesprekken analyseren?

Misschien herken je dat een gesprek nog uren of zelfs dagen in je hoofd blijft rondgaan. Je denkt terug aan wat er gezegd is, probeert gezichtsuitdrukkingen te herinneren of vraagt je af wat iemand werkelijk bedoelde. Misschien vraag je jezelf af of je niet te veel hebt verteld, of je iets verkeerd hebt geïnterpreteerd of dat je achteraf toch anders had moeten reageren.

Voor veel mensen met autisme komt dit analyseren voort uit de behoefte om de wereld goed te begrijpen. Je wilt situaties zorgvuldig interpreteren en voorkomen dat je iets over het hoofd ziet. Tegelijkertijd speelt er vaak nog iets anders mee: angst. Angst om een sociale fout te maken, om verkeerd begrepen te worden of om iets te doen wat anderen vreemd vinden. Sommige mensen zijn bang dat anderen zullen merken dat sociale situaties hen meer moeite kosten, of dat zij worden afgerekend op hun manier van communiceren. Anderen zijn bang dat hun autisme zichtbaar wordt en dat dit gevolgen heeft voor hoe anderen naar hen kijken.

Juist doordat sociale situaties zoveel aandacht vragen, ontstaat gemakkelijk de behoefte om achteraf alles nog eens na te lopen. Het brein probeert als het ware te controleren of alles 'goed genoeg' is verlopen en of er iets geleerd kan worden voor een volgende keer. Hoewel dit analyseren vaak bedoeld is om toekomstige situaties beter aan te kunnen, zorgt het er tegelijkertijd voor dat het moeilijk wordt om een gesprek echt los te laten. Het hoofd blijft actief, ook wanneer de situatie allang voorbij is.

Waarom lukt veranderen soms niet?

Verandering kan voor iedereen spannend zijn, maar voor iemand met autisme vraagt het vaak aanzienlijk meer energie. Dat komt niet doordat iemand niet flexibel wil zijn, maar doordat iedere verandering nieuwe informatie en prikkels met zich meebrengt die actief verwerkt moeten worden.

Bij veel mensen zonder autisme bepaalt het brein grotendeels automatisch welke informatie belangrijk is en welke naar de achtergrond kan verdwijnen. Bij autisme verloopt die prioritering minder vanzelfsprekend. Hoofd- en bijzaken vragen vaak tegelijkertijd aandacht, waardoor het brein veel bewuster moet bepalen waar de focus naartoe gaat.

Wanneer een situatie voorspelbaar is, kost dit proces minder energie. Bij een onverwachte verandering moet het brein echter opnieuw informatie verwerken, prioriteiten stellen en de situatie begrijpen. Daardoor kan een relatief kleine verandering veel groter aanvoelen dan de omgeving verwacht. Niet omdat de verandering zelf zo ingrijpend is, maar omdat het verwerken en ordenen van alle nieuwe informatie simpelweg meer energie vraagt.

Herkenning is geen diagnose

Misschien herken je jezelf in meerdere voorbeelden op deze pagina. Dat betekent niet automatisch dat je autisme hebt. Veel van deze ervaringen komen ook voor bij bijvoorbeeld ADHD, hoogbegaafdheid, angstklachten of langdurige stress.

Tegelijkertijd merken veel mensen dat juist deze herkenning het begin is van een zoektocht naar meer begrip voor zichzelf. Soms leidt dat uiteindelijk tot een diagnose, soms niet. In beide gevallen kan het waardevol zijn om beter te begrijpen hoe jouw brein werkt en waarom bepaalde situaties zoveel energie vragen.

Logo van Spectrumworks: neuronen in de vorm van een brein.